Posts Tagged ‘eendraadschema’

OPGELET – Het schema in dit voorbeeld is niet conform het AREI! (2 apparte kringen door 1 kabel is niet toegestaan volgens het AREI)

Stel dat 2 stopcontacten op een aparte kring gevoed worden door 1 kabel (5G2,5²). Hoe kan je dan het eendraadschema tekenen?

Je kan uiteraard gewoon 2 aparte kringen tekenen, en met een tekst aangeven dat het om dezelfde kabel gaat:

Eendraadschema - 2 kringen dor 1 kabel

In Trikker kan je met wat ‘creatief tekenwerk’ (lees: gefoefel ;-)) ook tot hetvolgende resultaat komen:

Eendraadschema - 2 kringen dor 1 kabelOm dit te tekenen ga je als volgt te werk: Read on »

Stel dat een elektrische installatie bestaat uit 2 borden, waarbij het 2de bord wordt gevoed vanuit het eerste.  In Trikker kan je het eendraadschema dan als volgt tekenen:

  • Teken op het eerste bord een automaat + leiding;
  • Teken op deze leiding een tweede verdeelbord;
  • Teken op dit tweede verdeelbord bijkomende kringen:


Teken je liever de borden naast elkaar?  Dan kan dit als volgt:

  • Teken op het eerste bord een automaat + leiding
  • Teken op deze leiding een tekstveld, bijvoorbeeld met de tekst ‘Naar bord 2′
  • Op het oranje bolletje rechts van het eerste verdeelbord kan je een tweede bord beginnen tekenen.  Dit kan je bijvoorbeeld ook met een tekstveld laten beginnen:

Eendraadschema met 2 borden - Trikker

Standaard worden de kringen gewoon doorgeletterd over de borden heen (A, B, C, D, E,…).  Je kan elke kring afzonderlijk een eigen letter geven door de automaat van de kring te selecteren en de eigenschap ‘Vaste Letter’ in te vullen, of je kan het verdeelbord selecteren (door op de plek te klikken waar de leiding in het verdeelbod komt), en de eigenschap ‘Nummer’ invullen.  Het  nummer zal als prefix voor de letter van de automaten geplakt worden.  Door bijvoorbeeld als nummer ’2.’ in te vullen, zullen de automaten als ’2.A’, ’2.B’, ’2.C’, …  genummerd worden:

Eendraadschema met 2 borden - Trikker

Wil je het tweede verdeelbord op een nieuwe pagina beginnen?  Selecteer dan het meest linkse symbool en zet de eigenschap ‘Op nieuwe pagina starten’ op ‘Ja’:

Wanneer je in Trikker een domoticamodule gebruikt op je eendraadschema, dan kan je zelf de namen van de in- en uitgangen instellen.  Teken je een domoticamodule zonder de eigenschappen ervan in te stellen, dan wordt alles als volgt genummerd:

Trikker - Nummeren uitgangen domoticamodule op eendraadschema - 1

De module zelf krijgt nummer A1, de verbruikers aangesloten op de uitgangen krijgen de nummers A2, A3 & A4.

Indien je de module zelf geen nummer wil geven, dan selecteer je de domoticamodule en zet je de eigenschap ‘Nummeren’ op ‘Nee’.  Hierdoor krijgen enkel de verbruikes aangesloten op de uitgangen een nummer (A1, A2 & A3):

Trikker - Nummeren uitgangen domoticamodule op eendraadschema - 2

Als je wil afwijken van de standaard nummering, dan selecteer je de domoticamodule, en vul je de eigenschap ‘Namen uitgangen’ in.  In onderstaand voorbeeld worden de namen van de uitgangen ingesteld op ‘.O1′, ‘.O2′ en ‘.O3′, waardoor de verbruikers genummerd worden als ‘C.O1′, ‘C.O2′ en ‘C.O3′:

Trikker - Domotica module - Uitgangen Nummeren

Trikker - Nummeren domoticamodule op eendraadschema - 3

Schakeltoestellen (drukknoppen, schakelaar, detectoren,…) krijgen geen appart nummer indien ze als eerste op de domoticamodule worden aangesloten.  In onderstaand voorbeeld werd ‘Namen uitgangen’ ingesteld op ‘.I1′, ‘.O2′ en ‘.O3′.  ‘.I1′ wordt echter genegeerd, omdat deze kring met een schakeltoestel begint:

 Trikker - Nummeren domoticamodule op eendraadschema - 4

Wil je uitgangen die met een schakeltoestel beginnen ook gewoon meenemen in de benaming van de uitgangen, dan kan dit makkelijk door de uitgang te beginnen met een aansluitpunt of een leiding:

Trikker - Nummeren domoticamodule op eendraadschema - 5

Het Trikker document met bovenstaand eendraadschema vind je hier: Trikker – Eendraadschema Domoticamodule

Met Trikker kan je op verschillende manieren een eendraadschema van impulsschakelingen tekenen die werken op een zeer lage veiligheidsspanning.  Het eenvoudigst is als volgt:

Eendraadschema Impulsschakeling in Trikker

Bovenstaand schema is zeker het duidelijkst, en is wellicht OK voor een keuring, maar is in principe niet 100% correct:  het lijkt immers dat de drukknoppen ook op 230V werken.

Kring X en Y stellen hetzelfde voor, maar zijn in principe correcter:

 Eendraadschema Impulsschakeling in Trikker

• de drukknoppen krijgen hun voeding van de 8V transfo (voor de keuring hoeven de drukknoppen zelfs niet getekend te worden);
• enkel de impulsen hangen aan 230V.

Om aan te duiden welke impuls door welke drukknop gestuurd wordt kan je met de eigenschap ‘Adres’ spelen.  Zowel een drukknop als een impuls hebben deze eigenschap.  Indien je voor beiden dezelfde waarde invult, dan komt bij de drukknop automatisch een verwijzing naar de kring van de impuls.

In kring α en β vind je nog een alternatief: drukknoppen en impulsen worden gevoed door een transformator, de contacten van de impulsen vind je terug achter een 230V kring:

 Eendraadschema Impulsschakeling in Trikker

Het Trikker document met bovenstaande voorbeelden vind je hier:  Trikker Document: Eendraadschema met Impulsen

Vanaf V1.0.24 kunnen kringen over meerdere secties gesplits worden:

Teken een automaat en een leiding:trikker_splitskring_1

Achter deze leiding kunnen er nu opnieuw leidingen getekend worden. Teken evenveel leidingen als het aantal onderdelen waarin u de kring wilt splitsen:

trikker_splitskring_2

Op deze laatst getekende leidingen kunnen nu de verbruikers en schakelapparaten getekend worden:

trikker_splitskring_3

Tip: Wanneer de eigenschap ‘Aantal geleders’ op 0 wordt gezet, en de eigenschap ‘Geleider type’ leeg gemaakt wordt, dan wordt een leiding korter getekend:

trikker_splitskring_4

In de componentenbibliotheek vind je een leiding terug waarvan deze eigenschappen reeds gezet zijn, welke u dus meteen achter een leiding kan tekenen om nieuwe secties te tekenen:

trikker_splitskring_5

Nog enkele voorbeelden hoe u dezelfde techniek kan gebruiken om kringen met verschillende secties te tekenen:

trikker_splitskring_6

Een Nikobus schakelmodule bestaat in grote lijnen uit programmeerbare automatische schakelaars, die aangestuurd kunnen worden door drukknoppen. De drukknoppen worden via een bussysteem aangesloten op de modules. Meer gedetailleerde info vind je op http://www.niko.be/nlbe/Professional/Producten/catalogus/domotica/nikobus-modules/schakelmodule

Om een schema te maken dat geschikt is voor een elektrische keuring moeten in principe de componenten die op laagspanning werken niet getekend worden. Het is dus voldoende om een aantal lampen te tekenen, aangestuurd door automatische schakelaars. De busdrukknoppen hoeven niet weergegeven te worden:

trikker_nikobus_1

In Trikker vind je echter ook een symbool voor een domotica module (dit symbool kan net zo goed gebruikt worden voor alarm- of brandcentrales). Een Nikobus systeem kan je in Trikker dus ook als volgt tekenen:

  • Teken een automaat, leiding en domotica module;
  • Wijzig de eigenschap ‘Naam Module’ van de domotica module;
  • Voeg 1 of meerdere drukknoppen toe;
  • Voeg lampen toe;

Het resultaat ziet er dan als volgt uit:

trikker_nikobus_2

Door de eigenschap ‘Adres’ van een drukknop in te vullen, wordt dit adres bij de drukknop bijgetekend. Zo kan je dus bijvoorbeeld een drukknop het adres ‘All off’ geven om aan te duiden data deze drukknop alle lampen uitschakeld. Lampen hebben ook een adres. Indien het adres van een lamp hetzelfde is als het adres van een drukknop, wordt bij de drukknop zowel het adres als de kring van de lamp weergegeven:

trikker_nikobus_3

Indien de voeding van de Nikobus modules niet op dezelfde automaat staat als de lampen die geschakeld worden, dan kan het symbool voor de domotica module ook gebruikt worden om de voeding van alle modules voor te stellen. Je kan er dan bijvoorbeeld ook voor kiezen om alle busdrukknoppen achter deze ‘voeding’ te tekenen:

trikker_nikobus_4